De export van Nederlandse consumptieaardappelen laat een opvallend beeld zien. Binnen de EU loopt de afzet op, terwijl de vraag uit andere regio’s juist terugzakt. Dat klinkt misschien als een klein verschil, maar voor telers en handelaren zegt dit veel over de markt van nu.
Meer vraag uit de EU, minder daarbuiten
In februari steeg de uitvoer binnen de EU naar 52.554 ton. Dat is net iets meer dan in januari en bijna 5.000 ton boven dezelfde maand vorig jaar. Vooral de buurlanden trekken de kar. Dat is geen toeval, want dichtbij afzetten is vaak sneller, goedkoper en minder onzeker.
Toch zit er ook spanning in die cijfers. Want terwijl de Europese markt sterker werd, zakte de afzet naar verder gelegen bestemmingen terug. Het totaal aan export kwam daardoor uit op 63.076 ton. Dat is lager dan in januari, maar nog steeds duidelijk hoger dan een jaar eerder.
België blijft veruit de grootste afnemer
België is opnieuw de grootste klant van Nederlandse consumptieaardappelen. In februari ging het om ongeveer 32.000 ton. Dat is 2.500 ton meer dan in januari. Zo’n grote afname laat zien hoe sterk de handelsstroom tussen beide landen blijft.
Ook Duitsland nam meer af. De export naar onze oosterburen steeg met bijna 1.600 ton tot 6.071 ton. Italië liet eveneens meer belangstelling zien. Daar groeide de import uit Nederland met 2.000 ton naar 3.514 ton. Vooral die stijging valt op, omdat Italië vaak wat grilliger inkoopt.
Frankrijk verrast na een sterke januari
Niet elk land liet een stijging zien. Frankrijk deed juist een stap terug. Na een uitschieter van bijna 13.000 ton in januari zakte de export in februari naar net iets minder dan 8.000 ton. Dat is nog altijd veel, maar de daling is duidelijk.
Opvallend is dat Frankrijk zelf vorig jaar al veel aardappelen uit Nederland haalde. Toch blijft de vraag daar wisselend. Dat maakt de Franse markt lastig te voorspellen. Voor exporteurs is dat soms even schakelen. De ene maand loopt het goed, de volgende maand koelt het ineens af.
Ook Spanje, Portugal en Hongarije nemen minder af
Naast Frankrijk trokken ook Spanje, Portugal en Hongarije minder hard aan de Nederlandse aardappelstroom. Spanje zakte terug naar 1.106 ton. Dat is ongeveer 500 ton minder dan een maand eerder.
In Portugal en Hongarije was het beeld nog scherper. De invoer uit Nederland halveerde daar tot minder dan 500 ton per land. Zulke dalingen zijn geen detail. Ze laten zien dat de markt in sommige delen van Europa simpelweg minder vraag heeft of tijdelijk anders inkoopt.
Verre bestemmingen geven gas terug
Niet alleen binnen Europa veranderde het beeld. Ook de export naar verre bestemmingen liep terug. Afrika nam in totaal 4.832 ton af. Ivoorkust was daar met bijna 3.400 ton nog altijd de belangrijkste afnemer, maar de totale stroom naar het continent bleef beperkt.
Vooral de afzet naar Mauritanië liep terug. Dat drukt meteen op het totaal. Als één markt minder koopt, voelt dat snel in de cijfers. Export is nu eenmaal een optelsom van veel kleine bewegingen. En als er op meerdere plekken tegelijk minder vraag is, ziet u dat direct terug.
Amerika blijft wel afnemen, maar minder dan voorheen
Ook de export naar Amerika daalde naar 4.900 ton. Dat kwam vooral door minder afzet naar de Dominicaanse Republiek. Daarnaast gingen er geen aardappelen meer naar Jamaica. In januari werd daar nog iets meer dan 1.000 ton naartoe gestuurd.
Dat verschil valt op. Het laat zien hoe snel markten kunnen verschuiven. Soms valt een bestemming gewoon weg. Dan moet de handel elders ruimte vinden. Dat maakt de export van consumptieaardappelen vaak beweeglijker dan mensen denken.
Wat valt nu het meest op in de export?
De belangrijkste les uit deze cijfers is eigenlijk vrij duidelijk. De EU-markt trekt aan, vooral door België, Duitsland en Italië. Tegelijkertijd hapert de vraag buiten Europa. Daardoor blijft de totale export wel op niveau, maar de verdeling verandert zichtbaar.
Voor telers en handelaren is dat belangrijk nieuws. Een sterke buurmarkt geeft rust. Maar een zwakkere afzet elders kan die winst weer deels wegdrukken. De export van consumptieaardappelen hangt dus niet aan één land of één regio, maar aan het hele samenspel van vraag, prijs en beschikbaarheid.
Wie deze cijfers goed leest, ziet meer dan alleen tonnen en landen. U ziet een markt die beweegt. Soms rustig, soms plots scherp. En precies dat maakt de aardappelhandel zo boeiend.






