Wie aan het einde van de ramadan iets bijzonders op tafel wil zetten, zit met deze duizendgatenpannenkoek meteen goed. Licht, zacht en vol kleine gaatjes die alles opnemen wat u erop smeert. Dat maakt dit gerecht niet alleen lekker, maar ook echt feestelijk.
Waarom deze pannenkoek zoveel betekent
Voor chef Mounir Toub is baghrir, zoals deze pannenkoek ook heet, veel meer dan een recept. Het roept herinneringen op aan zijn moeder, de keuken en het Suikerfeest. En dat gevoel proeft u terug in elke hap.
Misschien kent u deze pannenkoek als baghrir, gringo of hatita. De naam verschilt per streek, maar het gerecht blijft hetzelfde. Een zachte pannenkoek met een sponsachtige bovenkant en een milde smaak.
Juist daardoor is hij zo geliefd aan het einde van de ramadan. Na een dag vasten voelt iets warms, zachts en zoets vaak precies goed. Een simpel gerecht, maar met veel warmte.
Wat maakt de duizendgatenpannenkoek zo bijzonder?
Het geheim zit in de structuur. Tijdens het bakken ontstaan kleine openingen in het oppervlak. Die gaatjes zuigen boter, honing of jam op alsof het sponsjes zijn.
Dat klinkt misschien simpel. Toch is het precies wat deze pannenkoek zo anders maakt dan een gewone pannenkoek. U hoeft hem ook niet om te draaien. Dat maakt het bakken net wat rustiger en makkelijker.
De onderkant blijft licht, de bovenkant droogt mooi op. Dat geeft een zachte beet en een luchtig resultaat. En eerlijk is eerlijk, het ziet er ook nog eens feestelijk uit.
Ingrediënten voor ongeveer 10 kleine pannenkoeken
Voor dit recept heeft u niet veel nodig. Wel is het belangrijk dat u de hoeveelheden goed aanhoudt. Dan krijgt u precies dat zachte beslag dat nodig is voor die mooie gaten.
- 250 gram fijn griesmeel
- 100 gram bloem
- 600 ml lauwwarm water
- 7 gram gedroogde gist
- 1 theelepel vanillesuiker
- 1 snufje zout
- 1 zakje bakpoeder
- roomboter om te serveren
Zo maakt u de baghrir
Het maken van deze Marokkaanse pannenkoek vraagt vooral rust. Niet haasten. Laat het beslag zijn werk doen. Dat is precies waar de magie zit.
- Doe het fijne griesmeel, de bloem, het lauwwarme water, de gist en de vanillesuiker in een blender of hoge kom.
- Mix ongeveer 1 minuut tot een glad beslag.
- Voeg daarna het zout en het bakpoeder toe.
- Mix nog kort, zodat alles goed gemengd is.
- Laat het beslag 1 uur afgedekt rusten en rijzen in een kom.
- Verhit een koude antiaanbakpan op laag vuur.
- Schep een pollepel beslag in de pan en bak de pannenkoek zonder om te draaien.
- Wacht tot de bovenkant droog is en er veel kleine gaatjes zichtbaar zijn.
- Haal de pannenkoek uit de pan en begin opnieuw.
- Besmeer de pannenkoeken eventueel direct met een beetje roomboter.
Waarop u moet letten voor het beste resultaat
De pan moet echt koud beginnen. Dat lijkt vreemd, maar het helpt juist om die kleine openingen te krijgen. Een te hete pan kan de bovenkant te snel dichtschroeien.
Gebruik ook liever een zacht vuur dan hoog vuur. U wilt geen bruine, harde pannenkoek. U wilt een bleke, soepele pannenkoek die bijna smelt in de mond.
Heeft u de eerste keer niet meteen een perfecte ronde? Geen probleem. De eerste mislukt er vaak eentje. En volgens Mounir Toub zijn die vaak nog het lekkerst om meteen op te eten.
Zo serveert u de duizendgatenpannenkoek
Het mooie is dat u alle kanten op kunt. Traditioneel is roomboter met honing of suiker heel populair. Dat past perfect bij de zachte smaak van het beslag.
U kunt ook kiezen voor aardbeienjam, chocoladepasta of een beetje limoen met suiker. Wie het spannend wil maken, kan er zelfs een plakje kaas op leggen. Dat klinkt misschien onverwacht, maar het werkt verrassend goed.
Als dessert is deze pannenkoek ook heerlijk met een bolletje vanille-ijs. En bij een ontbijt of brunch voelt hij juist weer licht en troostend. Dat is knap voor zo’n eenvoudig gerecht.
Waarom dit recept juist nu zo mooi is
Na de ramadan draait alles om samen eten, delen en herinneringen maken. Deze pannenkoek past daar precies bij. Hij is eenvoudig, maar voelt toch bijzonder.
Dat maakt hem zo geschikt voor een feestelijk ontbijt of een rustige familietafel. U hebt geen ingewikkelde keuken nodig. Alleen wat tijd, aandacht en een goed gevoel voor warmte.
Misschien is dat wel de echte kracht van dit recept. Niet de techniek. Niet de presentatie. Maar het gevoel dat u met iets kleins iets groots op tafel zet.










